Gratis oefentoets voor de kennisbasistoets rekenen (LKT)

De kennisbasistoets rekenen halen, ook wel de LKT, begint niet bij harder rekenen maar bij slimmer oefenen. Met deze gratis oefentoets van 25 vragen weet je binnen een uur welke onderdelen je nog moet oefenen. En welke je gewoon al beheerst.

Student met een lichtblauwe trui, oefent met haar rekenmachine een aantal oefenvragen uit voor de LKT toets, ook wel de kennisbasistoets rekenen voor de PABO

Inhoudsopgave

Waarom je eerst wilt weten waar je staat

Misschien ben je al een keer gezakt. Of je ziet de kennisbasistoets in je derde jaar aankomen en je merkt dat je rekenkennis is weggezakt. De druk is hoog, want zonder deze toets haal je je Pabo niet. Dat weet jij, en dat weet je opleiding ook.

Het vervelende is dit: zonder nulmeting oefen je vooral de sommen die je al kunt. Dat voelt goed, maar het levert je op de toets bijna niks op. En het kost je de tijd die je juist nodig hebt voor de onderdelen waar je op vastloopt. Daarom begin je met meten, niet met maken.

Gratis LKT oefentoets, 25 vragen

Vul je naam en e-mailadres in, dan staat de oefentoets zo in je mailbox. Inclusief de antwoorden, zodat je jezelf meteen kunt nakijken. Een dag later krijg je nog iets: de volledige proeftoets van 65 vragen in onze academy, plus de eerste lessen van de cursus. Je maakt daarvoor gratis een account aan en je zit nergens aan vast.

Wat is de LKT rekenen precies?

LKT staat voor Landelijke Kennistoets. Op de Pabo zijn er twee: één voor taal en één voor rekenen-wiskunde. De rekenversie maak je in je derde jaar. Hij wordt gemaakt door 10voordeleraar, een groep lerarenopleiders van verschillende hogescholen.

Het doel is dat elke startende leerkracht op hetzelfde niveau zit. Jij moet straks boven de stof staan die je uitlegt aan groep 8. Daarom ligt het niveau van de LKT hoger dan het rekenen dat je zelf op de basisschool deed. Samen met de RWT uit je eerste jaar is dit de tweede verplichte rekentoets van de Pabo. Haal je hem niet, dan krijg je geen diploma.

Zo ziet de LKT eruit

Je maakt de toets op de computer. Hij is niet adaptief: iedereen krijgt dezelfde vragen, en je kunt terug naar een vraag die je eerst hebt overgeslagen.

✓ 66 vragen in totaal, verdeeld over twee delen.

✓ Deel 1: 47 vragen zonder rekenmachine.

✓ Deel 2: 19 vragen waarbij je een digitale rekenmachine mag gebruiken. Op je scherm zie je met een symbool wanneer dat mag.

✓ 180 minuten voor de hele toets. Je deelt je tijd zelf in.

✓ Kladpapier, pen of potlood en een geodriehoek mag je gebruiken.

✓ Geen hoofdrekenvragen zoals bij de Wiscat. Je mag elke som op papier uitrekenen.

Reken even mee: 180 minuten voor 66 vragen is gemiddeld iets minder dan drie minuten per vraag. Dat is ruim, zolang je niet blijft hangen op één som. Sla over waar je vastloopt en kom later terug.

De vijf domeinen van de kennisbasis rekenen

De stof is verdeeld over vijf domeinen. Weet je welk domein je laat liggen, dan weet je ook waar je moet oefenen.

1. Hele getallen en bewerkingen

Optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen, maar ook deelbaarheid, priemgetallen, machten en de volgorde van bewerkingen. Precies het soort vragen waar je punten weggeeft door een slordigheidje in plaats van door onkunde.

2. Kommagetallen, breuken, procenten, verhoudingen en kans

Breuken vergelijken, kommagetallen omzetten, procenten, verhoudingstabellen en eenvoudige kansberekening. Dit domein levert de meeste vragen op en is voor veel studenten ook het lastigst.

3. Meten

Eenheden omrekenen, oppervlakte, inhoud, schaal, tijd en snelheid. Weet jij zonder nadenken dat 1 milliliter gelijk is aan 1 kubieke centimeter? Dat scheelt hier zo twee vragen.

4. Meetkunde

Symmetrie, vlakke en ruimtelijke figuren, aanzichten en bouwsels van kubussen. Een tekening maken helpt hier bijna altijd, ook als je denkt dat je het wel ziet.

5. Verbanden

Grafieken en tabellen lezen, formules, groei en procentuele toename. Vaak in de vorm van een verhaal met een grafiek erbij, dus lees rustig wat er precies gevraagd wordt.

Goed om te weten: je hoeft niet voor elk domein apart een voldoende te halen. Er wordt naar je totaalscore gekeken.

Vijf voorbeeldvragen uit de LKT

Hieronder staan vijf vragen in de stijl van de toets. Probeer ze eerst zelf op kladpapier. Klik daarna pas op de vraag om de uitwerking te zien. Ze komen uit onze gratis oefentoets, waar er nog twintig meer in staan.

Antwoord: A = 6.

Deelbaar door 45 betekent deelbaar door 5 en door 9. Het getal eindigt op een 5, dus door 5 gaat altijd goed. Voor 9 tel je de cijfers bij elkaar op: 5 + 4 + A + 7 + 5 = 21 + A. Bij A = 6 kom je op 27, en 27 is deelbaar door 9. Dus A is 6.

Antwoord: 7/12, 5/9, 11/20, 13/24.

Een gelijke noemer zoeken kost hier veel tijd. Sneller is omrekenen naar kommagetallen: 7/12 is ongeveer 0,583, 5/9 is ongeveer 0,556, 11/20 is precies 0,55 en 13/24 is ongeveer 0,542. Daarna zet je ze op volgorde.

Antwoord: 14 centimeter.

84 gedeeld door 21 is 4. Elke centimeter in het model staat dus voor 4 meter in het echt. 56 gedeeld door 4 is 14. Tip: zet dit in een verhoudingstabel, met de maat van het model boven en de echte maat eronder.

Antwoord: 450 kubieke centimeter.

1 cl is 10 ml, dus 45 cl is 450 ml. En 1 ml is precies 1 cm³. Dus 450 cm³. Deze omrekening is er een om uit je hoofd te kennen.

Antwoord: het voordeelpak, ongeveer 20 cent per kilo goedkoper.

De zak van 750 gram: 3,49 gedeeld door 0,75 is ongeveer 4,65 euro per kilo. Het voordeelpak: 5,35 gedeeld door 1,2 is ongeveer 4,46 euro per kilo. Het verschil is ongeveer 19 cent per kilo. Deze vraag hoort bij het tweede deel, waar de rekenmachine mag.

Dit zit er in de LKT rekencursus

✓ Uitleg per onderwerp, met uitlegvideo's en duidelijke uitlegdocumenten.

✓ Huiswerkopgaven na elke uitleg, die we stap voor stap voordoen.

✓ Een domeintoets na elk domein, zodat je zelf kunt checken of het zit.

✓ Meerdere kennisbasis proeftoetsen, met de antwoorden stap voor stap uitgelegd.

✓ Slimme tips om sneller en handiger te rekenen.

Bekijk de LKT-cursus

Zo pak je het slim aan

Begin met de nulmeting. Maak de gratis oefentoets hierboven. Die lijkt op de echte toets, in niveau en in opbouw. Je ziet meteen waar de gaten zitten.

Werk daarna per domein. In de cursus behandelt Teun alle domeinen stap voor stap. Je slaat over wat je al kunt en pakt door op wat je nog mist.

Leer vraagtypes herkennen. De meeste punten liggen niet in moeilijker rekenen, maar in sneller zien welk type opgave je voor je hebt en welke route de kortste is.

Een planning van zes weken

Begin op tijd. Niet omdat dat netjes staat, maar omdat rekenen tijd nodig heeft om te zakken. Zes weken van drie keer een uur werkt beter dan drie dagen van acht uur.

Week 1: maak de gratis oefentoets. Noteer per vraag of je hem goed had en bij welk domein hij hoort.

Week 2 en 3: pak je twee zwakste domeinen. Eerst de uitleg, dan de opgaven, en pas daarna door naar het volgende onderwerp.

Week 4: de overige domeinen, in hetzelfde tempo.

Week 5: maak een volledige proeftoets op tijd. Zet een wekker op 180 minuten en houd je eraan.

Week 6: alleen nog herhalen wat fout ging. Geen nieuwe stof meer.

De laatste twee dagen: rust. Dat meen ik serieus, je hoofd heeft die pauze nodig.

Al een keer gezakt? Dat zegt niets over jou

De meeste studenten die bij ons binnenkomen, zijn al een keer gezakt. Dat is balen, en het voelt vaak alsof je gewoon niet kunt rekenen. Maar in de praktijk is er bijna altijd iets anders aan de hand.

✓ Je hebt geoefend zonder te weten waar je zwak in was.

✓ Je kende de stof wel, maar je liep vast op de tijd.

✓ Je las de vraag verkeerd, niet de som.

✓ Je hebt op je opleiding vijf verschillende oplosmanieren gehoord en weet niet meer welke je moet pakken.

Die laatste zien we het vaakst. Daarom werkt Teun in de cursus zoveel mogelijk met één manier per type som. Eén route die altijd werkt, in plaats van vijf die je door elkaar haalt. Je hebt dit studiejaar nog een kans, en die is goed te halen.

Zenuwen op de toetsdag

Spanning hoort erbij, en een beetje spanning maakt je zelfs scherper. Het wordt pas een probleem als je hoofd leegschiet. Dit helpt:

✓ Begin met een vraag die je zeker weet. Dat geeft je hoofd rust en zet je op gang.

✓ Loop je twee keer vast op dezelfde vraag? Markeer hem en ga door.

✓ Schrijf op wat je doet, ook als je denkt dat je het uit je hoofd kunt.

✓ Lees bij een verhaaltjessom eerst de laatste zin. Daar staat wat er gevraagd wordt.

✓ Kijk niet bij elke vraag op de klok. Kijk na vraag 20 en na vraag 45, dan weet je genoeg.

Heb je dyscalculie of serieuze faalangst? Meld dat bij je opleiding, daar zijn afspraken over. En weet dat je niet de enige bent: Teun geeft al jaren les aan studenten met dyscalculie en houdt de uitleg bewust rustig en zonder afleiding in beeld.

Voor wie is deze cursus?

✓ Derdejaars Pabo-studenten die de kennisbasistoets moeten maken.

✓ Studenten die al een keer gezakt zijn en het nu wel willen halen.

✓ Iedereen die vastloopt op verhaaltjessommen.

✓ Studenten die de slimme oplosstrategieën missen.

✓ Studenten met toetsangst, die rust en structuur zoeken.

✓ Iedereen die zelfstandig en gericht wil oefenen, in eigen tempo.

Dit is waarom onze studenten slagen

De cursus is gemaakt door Teun, rekendocent met meer dan tien jaar ervaring, die precies weet wat het Pabo-niveau vraagt. Hij hielp honderden studenten aan een voldoende, vaak na een of meer eerdere pogingen zonder cursus.

“Ik had écht moeite met breuken en verhoudingen. Dankzij de heldere uitleg snap ik nu eindelijk wat ik moet doen.”

Aylin, 1e-jaars Pabo

“Na het oefenen met de gratis rekentoets wist ik: dit ga ik halen. En dat klopte!”

Rick, 2e poging

Slim oefenen wint van veel oefenen

Meer sommen maken helpt pas als je weet wat je van elke fout kunt leren. Daarom krijg je in de cursus niet alleen opgaven, maar ook strategieën. Bijvoorbeeld:

✓ Hoe je snel herkent welk type opgave je voor je hebt.

✓ Welke rekenregels je paraat moet hebben op de toets.

✓ Hoe je tijd bespaart bij vragen over procenten.

✓ Wat je doet als je het even niet weet.

Veelgestelde vragen over de LKT rekenen

Wat is de LKT rekenen?

LKT staat voor Landelijke Kennistoets. Het is de verplichte landelijke rekentoets die je in het derde jaar van de Pabo maakt, gemaakt door 10voordeleraar. Je moet hem halen om je diploma te krijgen.

Wat is het verschil tussen de RWT en de LKT?

De RWT, vroeger de Wiscat, maak je in je eerste jaar. Die toets is adaptief en duurt 120 minuten. De LKT maak je in je derde jaar. Die is niet adaptief, duurt 180 minuten en heeft 66 vragen. De LKT gaat dieper en vraagt ook om inzicht in hoe je rekenen straks uitlegt aan je leerlingen.

Hoeveel vragen heeft de LKT rekenen?

66 vragen, verdeeld over twee delen. Deel 1 heeft 47 vragen zonder rekenmachine, deel 2 heeft 19 vragen waarbij de rekenmachine wel mag.

Hoeveel tijd heb je voor de LKT?

180 minuten voor de hele toets. Je deelt die tijd zelf in over de twee delen, dus je kunt zelf besluiten wanneer je doorgaat naar het volgende onderdeel.

Mag je een rekenmachine gebruiken?

Alleen in het tweede deel. Op je scherm zie je met een symbool wanneer het mag. In deel 1 reken je alles zelf uit, op papier.

Welke hulpmiddelen mag je verder gebruiken?

Kladpapier, pen of potlood en een geodriehoek. Anders dan bij de Wiscat zijn er geen vragen die je uit je hoofd moet doen, dus je mag elke som uitschrijven. Handig bij bijvoorbeeld een staartdeling.

Hoeveel vragen moet je goed hebben om te slagen?

Dat staat vooraf niet vast. Na de afname wordt per vraag gekeken hoe moeilijk hij bleek en hoe alle studenten scoorden. Soms gaat er zelfs een vraag uit. Op basis daarvan wordt de grens bepaald die je minimaal moet halen. Je hoeft niet per domein een voldoende te scoren, er wordt naar je totaalscore gekeken.

Hoe vaak mag je de LKT doen?

Twee keer per studiejaar. Die afspraak is landelijk gemaakt door de lerarenopleidingen en geldt ook voor de taaltoets.

Wanneer wordt de LKT afgenomen en wanneer krijg je de uitslag?

Er zijn zeven afnameperiodes per studiejaar, verspreid over het jaar. Je opleiding geeft door wanneer jij aan de beurt bent. De uitslag krijg je uiterlijk drie weken later, ook via je opleiding. De exacte data staan op de site van 10voordeleraar.

Wat als je dyscalculie of faalangst hebt?

Meld het bij je opleiding, want daar zijn afspraken over. En weet dat het te doen is. Teun begeleidt al jaren studenten met dyscalculie: rustige uitleg, één oplosmanier per type som en zo min mogelijk afleiding in beeld.

Cursus Kennisbasis rekenen (LKT)

In het derde jaar van de Pabo maak je de kennisbasistoets rekenen. Die is een stuk pittiger dan de RWT uit je eerste jaar. Met de cursus Kennisbasis rekenen werk je per domein toe naar je eindniveau: uitleg, huiswerk, domeintoetsen en proeftoetsen met uitleg. Zo benut je je studietijd, in plaats van dat je maar wat oefent.

Bekijk de LKT-cursus

Misschien ook interessant

Scroll naar boven